Your browser is out-of-date!

Update your browser to view this website correctly. Update my browser now

×

Check

Oogcontact & Focus

Voorbereiding

Je tekst

Bereid een onderwerp voor waarover je een paar minuten kunt spreken. Neem iets wat je goed kent en waarbij je je vertrouwd en zelfzeker voelt. Het kan gaan om een anekdote (werk- of privégerelateerd), een omschrijving van je baan of een project of een mening over een bepaald (nieuws)feit.

WAT je vertelt is hier niet zo belangrijk. Het gaat erom dat je vlot en makkelijk kunt vertellen, zonder dat je tijdens de oefening met je tekst hoeft bezig te zijn.

Je hoeft zeker geen tekst uit het hoofd te leren. Als je dat verkiest, kun je gerust een spiekbriefje met enkele steekwoorden gebruiken.

Wie tijdens de oefening toch te veel aan zijn tekst aan het denken is en daardoor blokkeert, kan gerust oefenen met “Bla, bla, bla, bla, …” of “1, 2, 3, 4, …”

Je publiek

Zorg voor minstens 4 verschillende toehoorders. Dat kunnen collega's, vrienden of familie zijn. Leg hun duidelijk uit dat je hen graag wilt gebruiken als publiek in het kader van een oefening.

Als die niet beschikbaar zijn, kun je oefenen met een namaakpubliek. Hieronder vind je 10 foto’s van gezichten van mensen.

  • Publiek 10
  • Publiek 09
  • Publiek 08
  • Publiek 07
  • Publiek 06
  • Publiek 01
  • Publiek 02
  • Publiek 03
  • Publiek 04
  • Publiek 05

Kies er minstens 4 uit (kies zelf of je een sympathiek ogend iemand wilt of de voorkeur geeft aan een strenger gezicht), druk ze af (ze zijn handig op A4-formaat gemaakt) en plak ze met een stukje plakband vast aan een stoel of aan de muur, op dezelfde hoogte als waar het gezicht van een echt persoon zou komen.

Verspreid je toehoorders zo veel mogelijk in de ruimte zodat je zowel dichtbij, achterin, links als rechts iemand als publiek hebt zitten. Als je eerder gewend bent te spreken rond een vergadertafel, laat dan iemand zitten meteen links en rechts van jou. De overigen gaan verspreid rond de tafel zitten.